Rode koolsoep- halve rode kool
- 3 grote ajuinen
- 4 teentjes look
- 2 stengels selder
- halve prei
- 1 kaneelstokje
- balsamicoazijn
- 1,5 groene appel
- 1 citroen
- potje zure room
Stoof de grof gesneden ajuinen glazig, voeg de look erbij. Look moet niet echt fijngehakt worden, als je de look goed kuist en nadien plet onder een mes is het al genoeg, het wordt toch allemaal gemixt op het einde. Gooi het kaneelstokje erin, denk eraan het eruit te halen op het einde. Nadien de selder toevoegen en even later de prei en de geschilde appel, allemaal grof gesneden. Giet er een klein glas water bij en laat even stoven op middelmatig vuur en met deksel erop. Doe er tot slot de rode kool bij en kippebouillon.
Als alles zacht is mixen en verder op smaak brengen met balsamicoazijn, citroensap en peper en zout.
Om het geheel wat zachter te maken kan je er zure room bij geven. Zelf in de soep te doen. Ik had de zure room nog wat smaak gegeven met de fijngesneden zest van de citroen, één heel klein lookteentje en peper en zout.
Ik vond de combinatie met de zure room erg geslaagd. De reacties waren ook zeer positief, hoewel het toch geen evidente soep is. Het blijft moeilijk om op smaak te komen, maar het leek me dat peper toch ook zeker zijn belang heeft daarin. Kotelet met hutsepot en mosterdsaus.Hutsepot
- 4 ajuinen
- 5 teentjes look
- bot selder (min stengels voor de soep)
- 1 grote venkelknol
- 6 wortelen
- 4 gewone aardappelen
- bot rapen
- 2,5 preistengels
- rundsbouillon
- mosterd
- peterselie of rozemarijn
Alle groenten fijnsnijden, ongeveer dezelfde grootte en stoven in volgende volgorde:
ajuin
look
selder, venkel & wortel
prei, rapen, aardappelen
Van belang alles goed op te volgen, zodat alles mooi samen gaar is, geen sinecure. Ik kies hier voor rundsbouillon omdat ik er koteletten bij had gekocht, met kippenbouillon is het volgens mij ook best lekker.
Op het einde een drietal el mosterd toevoegen, proeven en bijkruiden als nodig.
Vlak voor het opdienen de fijngesneden peterselie of rozemarijn erbij. De rozemarijn is wel het best als je hem in de vijzel kan bewerken.
Mosterdsaus
- boter
- bloem
- water
- rundsbouillon
- mosterd
Roux maken met de boter en bloem. Eerst de boter smelten, dan bloem erdoor tot je een deegachtige substantie krijgt. Hier moet je een goed evenwicht vinden tussen droog en vochtig. Als het te droog is kan je gewoon wat boter laten bijsmelten en bloem bijdoen als het te vochting wordt. Haal de roux uit de pot en hou apart. Laat water koken, los er rundsbouillon in op. Voorzichting met de hoeveelheid bouillon, kan erg zout worden. De mosterd kan er ook al bij, een eetlepel of drie.
Eenmaal dit aan het koken is voeg je beetje bij beetje de roux toe. Na het toevoegen laat je de saus telkens even koken, zodat de roux de kans krijgt om het geheel in dikken. Goed opvolgen.
Het is makkelijker om wat meer roux te maken dan nodig, beter dan te weinig.In de meeste kookboeken zullen ze uitleggen dat je voor een saus met roux eerst de roux maakt en dan het vocht er gewoon bij doet en laat indikken. Dit kan natuurlijk ook, maar ik vind het enorm moeilijk om op voorhand in te schatten hoeveel roux ik ga nodig hebben voor een bepaalde hoeveelheid saus. Als je een beetje op gevoel wil koken en niet volgens vast hoeveelheden vind ik het makkelijker om je vocht eerst helemaal af te werken, zodat je vocht hebt dat zijn dikte heeft. Dan kan je beginnen werken met de roux, zodat je beetje bij beetje tot je gewenste dikte kan komen.De koteletten goed laten bruin worden, ze zijn snel klaar, maar toch geen al te hoog vuur gebruiken precies.